Geur, geluid, gedrang

Zaterdagochtend

 

Als verkeer in Napels

Razen karren kriskras

Koteletten, gehakt, knäckebröd, kaas

Kiftende mensen, dreinende kinderen

Alle rangen en standen

 

Wachtend, starend,

Ingepakt, uitgepakt, betaald

En weg

 

Een glimlach, rust

Woensdagavond

 

Mannen met mandjes

Sloffen op een schone vloer

Gevulde volle vakken

Zachte muziek dringt door

 

Geen rij,

Regen

geen haast

de koffiecorner